Dat erkent het kabinet in de reactie op het rapport van de commissie-Davids. De ministerraad werd het vanmorgen na weken van moeizame besprekingen eens over de kabinetsreactie. „In retrospectief meent het kabinet dat het beter was geweest wanneer de communicatie met de Kamer meer inzicht had geboden in enerzijds de beschikbare informatie van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten en van de wapeninspecteurs en anderzijds in de vertaling daarvan.”
Inlichtingendiensten
De commissie-Davids bekritiseerde een maand geleden de ongenuanceerde manier waarop informatie van inlichtingendiensten aan het parlement is gegeven. Een pro-Atlantische houding op met name het ministerie van Buitenlandse Zaken zorgde er volgens de commissie voor dat informatie selectief aan de Kamer werd gemeld. „Twijfels, vermoedens en (on)zekerheden” over de aanwezigheid van massavernietigingswapens in Irak hadden „uitgebreider en explicieter” aan de Kamer moeten worden gemeld.
Een volkenrechtelijk mandaat voor de inval, waar het kabinet zich destijds op beriep, bestond volgens Davids niet. De conclusies van Davids leidden een maand geleden bijna tot de val van het kabinet, toen premier Balkenende ze in een eerste verklaring naast zich neerlegde. De PvdA was daarover ontstemd. Na crisisoverleg gaf Balkenende toe dat een „adequater” volkenrechtelijk mandaat nodig was geweest. Over de kwestie van het volkenrecht is inhoudelijk nu weinig meer toegevoegd. Wel is besloten dat op Buitenlandse Zaken een aparte functie van volkenrechtelijk adviseur wordt ingesteld. Het kabinet „herbevestigt” de regel dat ambtelijke notities met afwijkende meningen de politieke leiding dienen te bereiken. Het kabinet onderschrijft dat de informatie van buitenlandse inlichtingendiensten niet rechtstreeks naar ministeries behoort te gaan zonder tussenkomst van de eigen inlichtingendiensten, zoals in de Irak-zaak gebeurde. Dit om te voorkomen dat gekleurde en onvolledige informatie bij de ministers terechtkomt.
Ministerraad
De ministerraad kwam vanmorgen bijeen nadat gisteren de meest betrokken bewindslieden het al eens waren geworden over de hoofdlijnen van de reactie. „De brief doet recht aan hoe iedereen erover denkt en stelt tegelijkertijd vast hoe we in de toekomst verder moeten”, zei vicepremier Bos (PvdA). Het kabinet gaat niet in op de kritiek van de commissie op de aanvankelijk gebrekkige regie van de premier. Het kabinet „accepteert de beschrijving van de feitelijke gang van zaken” door de commissie.
De onderhandelingen verliepen met name moeizaam door de harde inzet van de PvdA-leider Bos. Hij zei dat de steun aan de oorlog een „te belangrijk en te principieel” onderwerp was. „Dan zijn de marges voor compromissen en onderhandelen wel heel smal.”

AEX: 342,71 




