Rotterdam, 5 dec. Thuis viert Yasin Bovatekin (12) geen Sinterklaas. De reden? Hij haalt zijn schouders op. „Mijn moeder gelooft niet in Sinterklaas.” Maar op zijn school, de Notenkraker, viert Yasin het feest uitbundig mee.
Ademloos kijken de kinderen uit de laagste groepen vanmorgen toe hoe twee Zwarte Pieten de gymzaal binnenhollen. Eén Piet heeft een mijter op zijn hoofd. Een lange witte baard hangt op zijn buik. Hij heeft geprobeerd om zich als Sint te verkleden! Hij is het Piet-zijn zat.
Gelukkig arriveert om kwart voor negen de échte Sint (de man van Joke Bouw van de administratie), begeleid door het oorverdovende getrommel van de brass-band van de school (een groepje Antilliaanse kinderen). De Sint is opeens twee Pieten kwijt (Antilliaanse mannen, allebei met een gouden tand). Of de kinderen die ergens hebben gezien, vraagt Sinterklaas. „Jááááá, dááááár.” En o ja, zijn hier nog stoute kinderen? „Nééééééé.”
De Notenkraker in Rotterdam is een ‘zwarte’ basisschool, bijna alle kinderen zijn allochtoon, meest Turks, Marokkaans en Antilliaans. Veel ouders kennen het Sinterklaasfeest niet van huis uit. Toch, zegt directeur Jan Trommel, viert iedereen het mee. In de gymzaal zingen de moeders Zie ginds komt de stoomboot. Een draagt een kartonnen mijter op haar hoofddoek.
Het enthousiasme is ook te danken aan Khadiha Jaihi, ouderconsulent op de Notenkraker. Zij had de taak om ouders, met name Marokkaanse en Turkse moeders, vertrouwd te maken met Sinterklaas. Ze heeft daar een speciaal programma voor. „In het begin waren ze huiverig”, zegt Khadiha Jaihi. „Ze waren bang dat het een heel religieus feest is. Dan leg ik uit dat het een echt kinderfeest is, voor de gezelligheid. Dan vinden ze het steeds leuker.” De afgelopen weken zaten de moeders urenlang cadeautjes in te pakken.
De kinderen van Saïda Arab-Hssyen (nu acht, twaalf en vijftien) hebben vanaf hun derde jaar hun schoen gezet. Saïda, die op haar achttiende uit Marokko naar Nederland kwam, vond het meteen een leuk feest. „Het is spannend, vanwege de cadeautjes in de schoen”, zegt ze. „En natuurlijk ook door de sint-figuur.”
Een Marokkaanse vader vond het niet goed dat zijn zoontje een zelfgemaakt mijtertje met een kruis erop droeg, maar dat vindt Saïda onzin. „Het is een symbool, voor mij betekent het verder niets.”
Yasin gelooft niet meer in Sinterklaas, maar verheugt zich op de surprise-ochtend. In groep acht hebben ze lootjes getrokken. Yasin heeft voor Sujata een televisie geknutseld. „Met een plasmascherm.” Hij gniffelt. „Sujata kijkt heel veel tv. Elke ochtend vraagt ze: heb je dit gezien? Heb je dat gezien?” In de surprise verstopte hij een fotolijstje en gelpennen.
Het verbaast René Toonen, voorzitter van het Sint Nicolaasgenootschap Nederland, niet dat het Sinterklaasfeest populair is bij allochtone kinderen. Sint is voor iedereen: jong en oud, rijk en arm, allochtoon en autochtoon. De klazen en pieten die hij kent, zeggen allemaal hetzelfde: allochtone kinderen geloven en zingen net zo hard als Nederlandse kinderen. Pieten moeten wel oppassen dat ze niet de clown uithangen en daarmee donkere Nederlanders belachelijk maken, zegt Toonen. „Vijftien jaar geleden zag je nog wel eens een Zwarte Piet met grote rode lippen, die gebrekkig Nederlands spreekt. Dat kan niet meer.”
„We vieren hier eigenlijk alle feesten”, zegt Joke Bouw van de administratie, terwijl ze de baard van haar man gladstrijkt en de Antilliaanse Pieten die grappen maken, streng toespreekt. Sinterklaas, Kerst, Pasen maar ook het Suikerfeest, het Slachtfeest. „Je kunt het zo gek niet bedenken. We rollen van het ene feest in het andere. Het eten is nog het lastigste, dat moet halal zijn en natuurlijk geen varkensvlees.” Uiteindelijk kiezen ze altijd weer voor kip met friet. „Iedereen happy.”

AEX: 310,03 




