Herfkens: twijfel over aidsfonds
Door een onzer redacteuren
DEN HAAG, 1 MEI. Minister
Herfkens (Ontwikkelingssamenwerking) koestert ernstige twijfels over
plannen van de Wereldbank om een nieuw fonds van 10 miljard dollar op te
richten voor de bestrijding van aids en andere ziekten in
ontwikkelingslanden.
Herfkens, die in Washington de voorjaarsbijeenkomst van de Wereldbank en
het Internationaal Monetair Fonds bijwoonde, stelt dat er al genoeg
kanalen zijn voor hulp op dit terrein.
Bovendien vreest de minister dat de plannenmakers zich er onvoldoende
rekenschap van geven dat aids alleen op een zinvolle manier kan worden
bestreden als de hele medische infrastructuur in ontwikkelingslanden aan
bepaalde minimum-eisen voldoet.
"Dat luistert heel nauw", aldus een zegsman van de minister. "Zonder een
goede basisgezondheidszorg raakt de aidspatiënt al snel van de
regen in de drup." Hij onderstreepte overigens dat Herfkens van mening
is dat elke gulden die ter beschikking komt van de aidsbestrijding op
zichzelf welkom is.
Aan de vooravond van de bijeenkomst in Washington had VN-secretaris-
generaal Kofi Annan opgeroepen tot de oprichting van een nieuw
aidsfonds, waarin de rijke landen zeven tot tien miljard dollar zouden
moeten storten. Het fonds zou vooral ten goede moeten komen aan
Afrikaanse landen, die het zwaarst hebben te lijden onder aids.
Ook Wereldbank-president James Wolfensohn maakte zich de afgelopen dagen
sterk voor zo'n fonds.
Dat zou zich overigens niet tot de aidsbestrijding moeten beperken maar
ook aandacht moeten hebben voor ziekten als tuberculose en malaria. Het
fonds zou zich met name moeten richten op onderzoek naar de ziekten en
het beschikbaar maken van goedkope medicijnen.
De G7, de groep van de zeven grootste en rijkste industrielanden, werkt
inmiddels al aan plannen voor de oprichting van zo'n fonds. De
Amerikaanse regering liet tijdens de vergadering van de Wereldbank weten
bij te dragen aan de middelen voor een nieuw aidsfonds, op voorwaarde
dat het geld efficiënt wordt gebruikt in die delen van de wereld
waar de gezondheidszorg zwak georganiseerd is. Veel Afrikaanse landen
die zwaar door de ziekte zijn getroffen, hebben geen middelen om hun
eigen programma's te ontwikkelen en zodanig uit te voeren dat de sterk
verspreide bevolking ervan kan profiteren. "Daarvoor hebben we nu net
extra geld nodig, zei Chris Lovelace, directeur volksgezondheid van de
Wereldbank gisteren.