De Arabische Lente in 2012: het is veel minder erg dan we allemaal denken

morsimubarak

Een soldaat staat bij een muur van het presidentiële paleis in Kairo, waarop karikaturen van president Morsi (links) en oud-president Mubarak geschilderd zijn. Foto Reuters / Mohamed Abd El Ghany

Wat vorig jaar begon als hoopvolle roep om vrijheid, bewoog zich dit jaar in de richting van grootschalig geweld, politieke onrust en religieuze intolerantie. Althans, dat is nu het gangbare beeld van de Arabische Lente. Maar het is minder erg dan we allemaal denken. En er is hoop.

Het is inmiddels alweer ruim twee jaar geleden dat de Tunesische straatverkoper Mohamed Bouazizi zichzelf in brand stak en daarmee een volksopstand ontketende die president Ben Ali tot aftreden dwong. De revolutionaire wind sloeg over naar landen als Egypte, Libië en later Syrië en wat niemand ooit voor mogelijk had gehouden gebeurde: dictators als Mubarak en Gaddafi werden, in het geval van Libië met militaire steun van de NAVO, door het volk aan de kant gezet.

Na de val van Mubarak en Gaddafi was er de hoop dat de Arabische wereld zich na tientallen jaren van autocratisch wanbeleid kon ontwikkelen in de richting van vrijheid en democratie. Dat is in ieder geval waar de betogers in Tunis, Kairo en Homs om vroegen. Maar de Arabische Lente kampte met tegenslagen: in Bahrein werd het protest in de kiem gesmoord, in Syrië groeide de strijd tegen president Assad uit tot een bloederige burgeroorlog en in Tunesië en Egypte leidde het aan de macht komen van islamisten tot scherpe politieke polarisatie.

Voor velen, vooral in het Westen, is de Arabische Lente inmiddels uitgegroeid tot Arabische of islamitische winter. Bij de oorlog in Syrië vielen al meer dan 45.000 doden en een einde van de strijd lijkt niet in zicht. In Egypte heeft president Morsi veel macht naar zich toegetrokken: publicist Andrew C. McCarthy voorspelt in het conservatieve magazine National Review dat er “donkere tijden in het verschiet” liggen. Saoedi-Arabië probeert ondertussen overal in de Arabische wereld oerconservatieve krachten te steunen. Meer vrijheid en democratisering lijken vaak ver weg.

Een Tunesische man bidt bij het graf van Mohamed Bouazizi, de straatverkoper die zichzelf twee jaar geleden in brand stak uit protest tegen zijn uitzichtloze bestaan. Foto AFP / Fetih BelaidEen Tunesische man bidt bij het graf van Mohamed Bouazizi, de straatverkoper die zichzelf twee jaar geleden in brand stak uit protest tegen zijn uitzichtloze bestaan. Foto AFP / Fetih Belaid

Proces van democratisering duurt nu eenmaal lang

Toch is het te gemakkelijk heel negatief te zijn. De verwachtingen waren vanaf het begin af aan veel te hooggespannen, stelt politicoloog Sheri Berman in een (betaald) artikel in het nieuwste nummer van Foreign Affairs. Berman beschrijft in detail hoe het proces van democratisering in Frankrijk, Duitsland en Italië verliep. Een van haar eerste en belangrijkste conclusies is dat het democratiseringsproces in deze landen wel honderden jaren duurde. De Arabische Lente is nog geen twee jaar oud.

Berman pleit in haar artikel ‘The promise of the Arab Spring’ vooral voor geduld. We mogen simpelweg geen wonderen verwachten, hoewel de twee jaar geleden in gang gezette ontwikkelingen volgens haar wel degelijk hoopvol zijn:

“Stable liberal democracy requires more than just a shift in political forms; it also involves eliminating the antidemocratic social, cultural, and economic legacies of the old regime. Such a process takes lots of time and effort, over multiple tries.”

De mythe van de islamitische winter klopt niet

Olivier Roy van de universiteit van Florence spreekt in een artikel in The New Statesmen over “de mythe van de islamitische winter”. Volgens Roy glijden het revolutionaire Tunesië en Egypte niet af naar chaos, maar zijn deze landen gewoon bezig te leren hoe het is om een democratie te zijn. In tegenstelling tot verdreven machthebbers als Ben Ali en Mubarak hebben de nieuwe leiders te maken met een mondige bevolking die niet langer bang is de straat op te gaan. Kortom, ze hebben om te gaan met de erfenis van de Arabische Lente:

“They face a new political culture: now, one where people who disagree with the government take to the streets; where there is no reverence for established power and the army and the police no longer inspire fear.”

Roy ziet veel voordelen aan die nieuwe politieke cultuur. Doordat bijvoorbeeld in Egypte een begin is gemaakt met het scheiden der machten, hebben leiders minder grip op alle aspecten van de maatschappij. En is de stem van de oppositie er altijd één om rekening mee te houden, zoals de afgelopen maanden duidelijk zichtbaar was in de discussie over de Egyptische grondwet. De Moslimbroeders van president Moris hebben daarbij volgens Roy veel fouten gemaakt en maken volgens hem kans bij de nieuwe parlementsverkiezingen begin volgend jaar te worden afgestraft.

Twee Syrische opstandelingen rijden op een motorfiets door de straten van het noordelijke stadje Darkush. Foto AFP / Odd AndersenTwee Syrische opstandelingen rijden op een motorfiets door de straten van het noordelijke stadje Darkush. Foto AFP / Odd Andersen

Zonder twijfel zien we het einde van een tijdperk

In The Independent erkent columnist Adrian Hamilton, die vaak over het Midden-Oosten schrijft, dat sommige ontwikkelingen in de Arabische wereld somber stemmen. Hij schrijft zelf te vrezen dat tegenstellingen tussen bevolkingsgroepen groter zullen worden, zoals in Syrië al gebeurd is. Toch wijst hij ook op een aantal positieve zaken die niet al te veel aandacht hebben gekregen: in de zeer repressieve Golfstaten klinkt ook steeds luider de roep om meer vrijheid en in Marokko liet de koning een nieuwe grondwet invoerde die het land democratischer maakte.

Hoe moeizaam de Arabische Lente de komende jaren misschien mag verlopen, volgens Hamilton is onbetwistbaar dat er iets fundamenteel veranderd is:

“The central point, however, is that, just as in 1989, we are seeing the end of an era. Of that, no one should be in any doubt. The call for change, an end to corruption, and the exercise of greater freedom for ordinary citizens is now being heard in every Middle Eastern country and beyond.”

Politieke onrust is juist positieve ontwikkeling

Larbi Sadiki van de University of Exeter maakt een interessant punt over de Arabische Lente: misschien is die politieke onrust juist wel goed voor de toekomst van de regio, zo schrijft hij in een opiniestuk op de site van Al Jazeera. Sadiki vindt dat in met name westerse media uit de aanhoudende demonstraties en politieke puinhopen waarmee de ontwikkelingen in landen als Egypte gepaard gaan ten onrechte geconcludeerd wordt dat Arabieren inderdaad niet klaar zijn voor democratie. Er doet zich een ander probleem voor, stelt Sadiki:

“In the absence of strong political parties and legitimate institutions in partly vacuous bodies politic, in which personalism spars with institutionalism and civic openings with persistent primordialism that share in the duel of a nascent democratic ethos and a revolutionary ethos. For now, each is playing a kind of zero-sum game, seeking a margin of existence at the expense of the other.”

Sadiki vindt ook dat er te weinig aandacht is voor de zegeningen van de Arabische Lente. De roep om zelfbestuur heeft wel degelijk positieve veranderingen gebracht, beweert hij, zoals een voorheen ongekende mate van politieke vrijheid in landen als Tunesië en Egypte. Positief vindt hij ook dat in landen als Jordanië en Jemen de roep om verandering op een vreedzame manier blijft klinken.

Soldaten van het Libische leger nemen deel aan een parade. Het officiële regeringsleger is nog in opbouw terwijl Libië te maken heeft met veel onveiligheid door elkaar bevechtende milities. Foto Reuters / Ismail ZitounySoldaten van het Libische leger nemen deel aan een parade. Het officiële regeringsleger is nog in opbouw terwijl Libië te maken heeft met veel onveiligheid door elkaar bevechtende milities. Foto Reuters / Ismail Zitouny

Conclusie: het verhaal van Bouazizi is nog lang niet af

Dat de Arabische Lente in 2012 is verworden tot een angstaanjagende islamitische winter is een simplistische voorstelling van zaken, schrijft Ben Stevenson in The Houston Chronicle. Dictators die decennia aan de macht waren zijn afgezet en er is een politieke openheid gekomen die voor de regio ongekend is. Stevenson erkent dat het nog lang kan duren voordat de resultaten van de Arabische Lente daadwerkelijk voelbaar zijn:

“The individual actions of Mohamed Bouazizi and many others have helped open the space for regional political expression in Middle East, but transforming this opening into lasting change and increased social justice for populations long denied self-determination will require the sustained engagement of many more.”

Zeggen dat het zichtbaar worden van resultaat nog generaties kan duren, is wel wat makkelijk en ook twijfelachtig, concludeert onze buitenlandredacteur Carolien Roelants, die voor NRC Handelsblad het afgelopen jaar over de Arabische Lente schreef:

“Ik denk niet in termijnen van tientallen jaren. Bovendien kan het over een paar decennia ook heel negatief blijken te zijn uitgewerkt. [...] Ik vind dat de auteurs het economisch perspectief te veel buiten beschouwing laten. Het grootste deel van de bevolkingen hoopte dat de revoluties economische vooruitgang zouden brengen, maar de economieën zijn er juist alleen maar erger aan toe door de onrust. [...] Dat de politieke vrijheid is toegenomen klopt, maar in Egypte zie je dat een partij als de Moslimbroederschap zich ingraaft en geen concessies doet aan de oppositie. Dat zijn verontrustende tendensen.”

Lees meer over:
Arabische Lente
Bahrein
Bashar al-Assad
Egypte
Hosni Mubarak
Jemen
Jordanië
Libië
Marokko
Moammar Gaddafi
Mohamed Bouazizi
Mohammed Morsi
Saoedi-Arabië
Syrië
Tunesië

Volg nrc.nl op en , lees onze dagelijkse nieuwsbrief